Mensen
Biolandbouw
Terug naar hoofdmenu
Mensen > Nichemarkten > Biolandbouw
Producent
Boeren en burgers
Nichemarkten
 
Bescheiden in opgang

De biologische landbouw kende de laatste jaren een groei maar blijft toch zeer bescheiden. Het aandeel van de biologische sector in Vlaanderen in de totale landbouwactiviteit blijft nog altijd ver onder het Europese gemiddelde van ongeveer 3,8%.
Het totaal areaal biologische landbouw kende tussen 1998 en 2001 een spectaculaire groei: van bijna 1000 hectare tot ruim 4000 hectare die onder controle stond bij de controleorganismen Integra-afdeling BLIK en ECOCERT. Sinds 2002 is de aangroei niet meer zo sterk.
Er zijn sociaal-economische elementen die deze schommelingen beïnvloeden.

  • Landbouwers zijn onzeker en aarzelen om de stap naar de biologische productiemethode te zetten omwille van het onbekende. 
  • Het is een productiemethode die een permanente topprestatie vergt.
  • Het ingewikkelde kluwen van lastenboek, controles en certificering en de daarbij horende kosten en administratieve lasten werken ontmoedigend. De steeds strengere eisen en normen die het beleid opleidt zijn wel een garantie voor de consument, maar maken de drempel om over te staan naar de biologische landbouw voor de boer wel héél hoog. 
  • De hogere producentenprijzen voor bepaalde teelten zijn het resultaat van diverse productie-elementen, namelijk hogere teeltkosten, meer loonkosten (er moet meer gewied worden), de inzet van aangepaste machines (bijvoorbeeld voor mechanische onkruidbestrijding). Ook het diervoeder is duurder. 
  • De opbrengst per kilo per hectare ligt lager.


Nochtans liggen er wel kansen voor de biologische landbouw. De recente voedselcrisissen maakten de consument én een aantal landbouwers meer bewust van het belang van de kwaliteit van ons voedsel. Bovendien wordt de landbouwer zelf zich meer bewust van de milieueffecten van zijn bedrijfsvoering. Hij zoekt hoe hij deze effecten in positieve zin kan beïnvloeden.
Eind 2005 telde Vlaanderen 236 biologische bedrijven, met een totaal areaal van 3153 ha; goed voor 0,5 % van het totale Vlaamse landbouwareaal. Voor de klassieke dierlijke producties, rundvee en varkens, verloopt de omschakeling niet zo vlot. Het aantal biologisch gekweekte schapen, herten en geiten maakt wel een sterke sprong voorwaarts. Bij de plantaardige productie doen vooral de groenten het goed.
De meeste biobedrijven liggen in de provincies West- en Oost-Vlaanderen. In de provincie Antwerpen ligt 30% van het areaal, wat 20% van de bedrijven vertegenwoordigt.
De omvang van de biologische teelt is klein bier in vergelijking met de totale landbouwsector. Voor wat de verhouding betreft van de dieren die biologisch worden gekweekt met het totaal aantal dieren, valt enkel het percentage voor schapen en geiten behoorlijk mee. De meer intensieve productiesectoren (varkens en pluimvee) zijn zo goed als niet vertegenwoordigd binnen de biolandbouw. In de rundveehouderij is het vooral de melkveehouderij die overschakelt.

 


 

Areaal biologische landbouw
 

1987
1991
1995
2000
2005
Aantal bedrijven
72
85
93
231
236
Oppervlakte (ha)
417
493
739
3.393
3.153
Gemiddelde grootte (ha)
5,8
5,8
7,9
14,7
13,4

Bron: Landbouwrapport 2005

 

 


 

Dierlijke productie

 

(in aantal dieren onder controle)
2002
2003
2004
2005
Runderen
3.081
2.980
2.384
2.043
Melkkoeien
1.355
1.244
987
897
Varkens
1.083
1.635
1.994
1.576
Vleesvarkens
839
1.363
1.808
1.393
Pluimvee
125.822
102.767
172.976
175.854
Braadkippen
85.350
42.070
83.984
84.830
Legkippen
39.102
39.347
48.742
61.164
Geiten en schapen
3.745
4.056
3.418
5.549
Paarten en herten
73
82
112
143
Konijnen
0
0
0
78

 Bron: AMS op basis van Blik en Ecocert.

 


 

Plantaardige productie

 

(in hectare)
1991
2001
2002
2003
2004
2005
Akkerbouwgewassen  
296
3.470
1.050
1.213
1.223
1.203
Weiland
-
-
1.809
1.229
1.121
1.019
Groenten
117
322
349
344
264
273
Fruit
80
235
191
201
189
156

 Bron: AMS op basis van Blik en Ecocert.

 

 


 

Vergelijking met de totale landbouwsector


 

Voor het jaar 2005 

Totale productie
Biologische productie
Aandeel (%)
Plantaardige productie
 
629.684
3.153
0,50
 
waarvan 
Akkerbouw
347.261
1.359
0,39
Sierteelt
 1.002

0

0,00
Braak
 7.976
0
0,00
Groenten
 26.911
296
1,10
Fruit
 16.186
196
1,21
Weiden
 226.314
1.302
0,58
 
Dierlijke productie
 
 
38.014.945
 
185.165
 
0,49
 
waarvan 
Runderen
1.350.304
2.043

0,15

Varkens
 5.952.518
1.576
0,03
Pluimvee
 30.358.744
175.854
0,58
Schapen
 95.976
3.288
3,43
Geiten
 15.984
2.261
14,15
Paarden en herten

24.740

143
0,58

 Bron: NIS, AMS op basis van Blik en Ecocert.

 

 

 

BR0001fq05Biologisch4b: mechanisch schoffelen in preiveld



Print
Zoek
Sitemap
Contact